We worden momenteel geconfronteerd met een hele waaier aan crises: ecologisch (klimaat, uitstervingsgolf, verzuring van de oceanen en ga zo maar door), economisch (ongelijkheid, schuldenberg), technologisch (AI) en psychisch. Er is sprake van een mondiale polycrisis, dat wil zeggen een causale verstrengeling van crises in meerdere wereldwijde systemen op manieren die de vooruitzichten van de mensheid aanzienlijk verslechteren. Deze crises moeten als geheel worden aangepakt; ze kunnen niet afzonderlijk worden opgelost. Hierover gaat het in het artikel ‘De mondiale polycrisis’ in de rubriek Ontwrichting. In aflevering 5 geeft het artikel de verschillende crisesthema’s en hun verbanden grafisch weer. Een polycrisis kan zich voordoen op verschillende schalen – lokaal, nationaal, regionaal of mondiaal – in feite op elke schaal waarop systemen op elkaar inwerken. In dit artikel gaat het om crises die op wereldschaal interageren, met een ruimtelijk bereik dat de hele planeet en/of de hele mensheid raakt.
In aflevering 3 en 8 gaat het over het begrip ‘polycrisis’. In aflevering 9 en 10 stellen de auteurs vast dat er nu sprake is van een crisis, en dat deze in verschillende cruciale opzichten anders is dan ooit. Zie ook de figuur in aflevering 10. Mondiale crises nemen bijvoorbeeld niet alleen in kracht en snelheid toe, ze lijken zich ook te synchroniseren. Zie de figuur in aflevering 11. In aflevering 12 en 13 gebruiken de auteurs modellen uit de complexiteits- en duurzaamheidsliteratuur om verschillende causale mechanismen ervan bloot te leggen. Zie de figuur in aflevering 12. Ze geven twee voorbeelden: ten eerste de cascade-effecten van interacties tussen de coronacrisis, de oorlog tussen Oekraïne en Rusland en de klimaatverandering; en ten tweede de mogelijk zelfversterkende terugkoppelingen tussen economische turbulentie, nationalistisch autoritarisme en afnemende internationale coöperatie. In de afsluitende afleveringen vatten ze enkele van de belangrijkste inzichten en beleidsimplicaties van dit opkomende veld samen en geven ze de richting aan voor toekomstig onderzoek.
Bijzonder bij complexe systemen is dat niet de onderdelen centraal staan, maar de interacties tussen de onderdelen. Op een elementair niveau zijn er vier vectoren die een crisis binnen en tussen systemen, en van het ene deel van de wereld naar het andere, kunnen overdragen – en zo aanzienlijke schade kunnen toebrengen: energie, materie, informatie en biota. Hoe dat zit lees je in aflevering 6.
We hebben bovendien te maken met vijf cruciale eigenschappen: moeilijk aan te wijzen oorzaak-gevolgrelaties; kantelpunten als zelfdempende lussen veranderen in zelfversterkende lussen; onomkeerbare omslagpunten; grensoverschrijdende oorzaak-gevolgprocessen op meerdere tijdschalen; en tenslotte zwarte zwanen. Dit is het onderwerp van aflevering 7.
Het is moeilijk om te voorspellen welke beleidsveranderingen wanneer van belang zullen zijn. Er is amper gelegenheid tot leren door middel van vallen en opstaan. Bepaald gedrag kan (schijnbaar) op de korte termijn voordelen opleveren, totdat er een drempel wordt overschreden en de kosten te hoog oplopen, de schade onomkeerbaar is en leren te laat komt. Zie ook polycrisis, spanningen en triggers.