Systemen kennen fondsen, dat wil zeggen voorraden waaruit geput kan worden. Deze vullen zichzelf al of niet aan. Het fonds staat tegenover de stroom. Het begrip fonds komt aan de orde in aflevering 12 en volgende (over natuurlijke rijkdom als fonds) van het artikel ‘De samenstelling van systemen’ in de rubriek Complexiteit. Elk fonds is een vertraging. Zie daarover aflevering 20 van het artikel ‘De werking van systemen’ in de rubriek Complexiteit. De uitputting van eindige fondsen en de exploitatie van hernieuwbare eindige fondsen komt aan de orde in aflevering 8 en volgende van het artikel ‘Ingrijpen in systemen’. In de ecologie is er de kringloop van de stof (een fonds van materie). Zie hierover aflevering 58 en 84-86 van ‘Wat is ecologie’. Zie ook het verschil tussen fondsen en stromen. Zie ook ecologische economie aan vernieuwing toe en ecologie en economie, definities en paralellen.
Het artikel ‘Het verlies van de natuur’ in de rubriek Ecologie geeft een enigszins anekdotisch beeld van de rijkdom van de natuur vroeger, de manier waarop die rijkdom teloor is gegaan en van onze psyche hieromtrent. Het milieuverlies is dramatisch. De huidige stadsbewoner heeft echter weinig oog meer voor de toestand van de natuur. We hebben een ongelooflijk goed aanpassingsvermogen. Het vreemde is dat het steeds weer lukte om met een steeds armzaliger milieu toch een grotere bevolking op de been te houden. Hoezeer de zesde uitstervingsgolf reikt lezen we in aflevering 13.
Ook de manier waarop de planten hun fotosynthese laten werken vormt een hoeksteen van de natuurlijke rijkdom. Deze rijkdom wordt sterk aangetast door allerlei vormen van vergiftiging, zo lezen we in het artikel ‘Ontwrichtend gif, de derde mondiale crisis’.